Laadpalen in appartementsgebouwen – procedure en regels voor VME’s in Limburg
- sterre54
- 6 uur geleden
- 4 minuten om te lezen
Elektrisch rijden zit in de lift en steeds meer bewoners van appartementsgebouwen willen een laadpaal installeren op hun parkeerplaats. Voor een Vereniging van Mede-Eigenaars (VME) betekent dit dat er duidelijke afspraken nodig zijn over veiligheid, procedure en kosten. Onderstaand artikel legt uit hoe VME’s correct en juridisch veilig omgaan met aanvragen voor laadpunten in het gebouw.
Recht op een laadpaal in een appartementsgebouw
Volgens het Burgerlijk Wetboek heeft elke mede-eigenaar het recht om een laadinstallatie te plaatsen op zijn parkeerplaats of garage, ook wanneer daarvoor gebruik wordt gemaakt van gemeenschappelijke delen zoals een parking of technische ruimte.
Dit recht is echter niet onbeperkt. De installatie moet steeds:
voldoen aan alle veiligheidsnormen (AREI, brandveiligheid en ventilatie);
de gemeenschappelijke infrastructuur respecteren;
geen onredelijke hinder veroorzaken voor andere mede-eigenaars;
en rekening houden met de collectieve belangen van de VME.
De VME kan een installatie dus niet zomaar weigeren, maar mag wel voorwaarden opleggen om veiligheid, esthetiek en gelijkheid tussen bewoners te garanderen.
Aanvraagprocedure: zo verloopt het correct
Een laadpaal plaatsen in een appartementsgebouw kan niet zomaar. Er geldt een duidelijke procedure.
Schriftelijke aanvraag
De mede-eigenaar dient minstens twee maanden vóór de geplande werken een schriftelijke en aangetekende aanvraag in bij de syndicus. In deze aanvraag zitten minimaal:
technische fiche van de laadpaal (type, vermogen, aansluiting);
plan van de plaatsing en het kabeltraject;
bevestiging dat de installatie conform het AREI wordt uitgevoerd;
gegevens van de erkende installateur.
Communicatie naar mede-eigenaars
De syndicus controleert het dossier en bezorgt de informatie aan alle mede-eigenaars. Zij krijgen vervolgens de kans om te reageren.
De mede-eigenaar kan als volgt reageren:
1) De mede-eigenaar reageert niet / staat de geplande werken toe.
2) De mede-eigenaar verzet zich tegen de uitvoering van de voorgestelde werken.
Mogelijk verzet
Elke mede-eigenaar die zich wenst te verzetten tegen de plaatsing brengt de syndicus hiervan per e-mail op de hoogte. Dit verzet dient objectief gemotiveerd te worden.
Een verzet kan enkel aangetekend worden in één van de volgende gevallen:
er bevindt zich reeds dergelijke infrastructuur in de betrokken gemeenschappelijke delen in het gebouw, of;
de infrastructuur of de werken tot realisatie ervan veroorzaken belangrijke schade op het vlak van het uitzicht van het gebouw of de gemeenschappelijke delen, het gebruik van de gemeenschappelijke delen, de hygiëne of de veiligheid ervan, of;
geen optimalisatie van de infrastructuur resulteert uit de voorziene werken of de voorziene werken verzwaren de financiële lasten van andere mede-eigenaars of gebruikers.
De syndicus verzamelt de gemotiveerde verzetten van de mede-eigenaars en brengt de aanvrager per aangetekende zending hiervan tijdig op de hoogte, d.w.z. binnen de 2 maanden na ontvangst van de aangetekende zending met het voornemen tot plaatsen van een laadinstallatie.
Wanneer er bezwaar is, wordt een Bijzondere Algemene Vergadering samengeroepen. Daar wordt met een 2/3-meerderheid beslist of de installatie mag doorgaan of dat er bijvoorbeeld een collectieve oplossing komt.
Keuring en documenten na installatie
Na de plaatsing moet de aanvrager verschillende documenten bezorgen aan de syndicus:
keuringsattest van een erkend organisme (verplicht vóór gebruik);
bewijs dat de installatie verzekerd is;
factuur en technische gegevens voor het gebouwdossier.
De syndicus bewaart deze documenten in het technisch dossier van het gebouw. Zo blijft alles traceerbaar en juridisch in orde.
4. Elektrische aansluiting en kostenverdeling
In de meeste gevallen gebeurt de installatie volledig op kosten en risico van de aanvrager.
Belangrijke aandachtspunten:
Het verbruik wordt individueel gemeten via een aparte teller of slimme laadpaal.
Indien de laadinstallatie tijdelijk of blijvend gebruikmaakt van gemeenschappelijke elektriciteit, wordt een vergoeding of automatische verrekening met de VME overeengekomen, te bepalen door de AV.
Indien blijkt dat er voor de laadinstallatie een netverzwaring nodig is, zal de VME instaan voor deze kosten.
Collectieve voorbereidingen door de VME
Steeds meer gebouwen kiezen ervoor om zich voor te bereiden op de toekomst. De VME kan beslissen om:
voorbekabeling te voorzien;
een collectieve laadstructuur te installeren;
of slimme systemen te plaatsen voor energieverdeling.
De kosten voor deze voorbereidende werken worden doorgaans verdeeld volgens de aandelen in de gemeenschappelijke delen, tenzij de algemene vergadering anders beslist.
Veiligheid en aansprakelijkheid
Veiligheid blijft het belangrijkste aandachtspunt bij laadpalen in appartementsgebouwen.
Daarom gelden volgende regels:
Enkel installateurs erkend door de FOD Economie mogen de werken uitvoeren.
De installatie moet steeds voldoen aan het AREI en aan de eventuele brandweer of verzekeringseisen.
De aanvrager blijft verantwoordelijk voor het onderhoud, de verzekering en eventuele schade veroorzaakt door zijn installatie.
Verkoop, verhuis of verwijdering
Wanneer de eigenaar verhuist of verkoopt, moet hij:
de laadinstallatie overdragen aan de nieuwe eigenaar, of
deze op eigen kosten verwijderen en de oorspronkelijke toestand herstellen.
Wat bij niet-naleving?
Een laadpaal plaatsen zonder correcte aanvraag, keuring of goedkeuring van de VME wordt beschouwd als een onrechtmatige ingreep in de gemeenschappelijke delen.
In dat geval kan de VME eisen dat:
de installatie wordt verwijderd op kosten van de eigenaar;
Bijkomend is de initiatiefnemer een forfaitaire schadevergoeding verschuldigd aan de VME ter dekking van o.a. de syndicuskosten, advocaatkosten,…
Correct de procedure volgen is dus essentieel.
Besluit: duidelijke afspraken zorgen voor veilige integratie
Laadpalen in appartementsgebouwen zijn perfect haalbaar, maar vragen een duidelijke en gestructureerde aanpak. Voor VME’s in Limburg zijn vooral deze elementen cruciaal:
correcte aanvraagprocedure;
respect voor mede-eigenaars;
professionele installatie en keuring;
transparante kostenverdeling;
en aandacht voor veiligheid.
Met duidelijke afspraken en goede communicatie kan een VME elektrische mobiliteit ondersteunen zonder risico’s voor het gebouw of de bewoners.
Wil uw VME in Limburg laadpalen correct en veilig organiseren?Onze experts begeleiden u bij de procedure, technische analyse en besluitvorming binnen de VME. Vraag vrijblijvend advies aan.




Opmerkingen